Mierle

      Geen reacties op Mierle

Waternamen als Mierbeek en Mierle wordt beschouwd als een afleiding van het Oudnederlandse mier* ‘moeras’. In Zuid-Nederland zijn diverse plaats- en waternamen afgeleid van dit stamwoord. Denk aan de waternamen Mierle en Mierbeek (3x) en de plaatsnamen MeerloMierde en Mierlo. Wat het element mier in plaatsnamen betreft wordt in de literatuur meestal de stelling van J. Lindemans (1953) gevolgd: het zou gaan om het in onze taal verdwenen woord mier gaan, dat verwant is met het Engelse mire, dat ‘moeras, drassige grond’ betekent. Verwantschap met Engels/Zweeds/Noors mire, IJslands myrr, alle benamingen voor ‘modder, moeras, natte bodem’. In Zweden en Noorwegen is mire ook modern het normale woord voor ‘moeras’.  

Hoewel mier en meer niet etymologisch verwant zijn, kunnen woorden met dezelfde betekenis wel makkelijk in elkaar overgaan. Zo wordt voor mier soms ook als meir of meer aangeduid. In Vlaams-Brabant is meir zelfs vrij algemeen in waternamen. In Mierlo komt ook Meirven voor, naast meirle. Ook in Meerlo (L) wisselt mier en meer met elkaar. In Noord-Brabant grotendeels verdrongen door de woorden goor en broek.

Rivierbeschrijvingen

(1) Mierle (Geldrop-Mierlo, Laarbeek, Helmond)

Mierle, Mierle Stoom of Meirle is een historische naam voor het riviertje dat we nu kennen onder de naam Goorloop. Het ontspringt in het natuurgebied Sang en Goorkens ten zuidoosten van Mierlo uit de Overakkerseloop en de Vleutloop en stroomt in noordelijke richting naar Boerdonk om via de Boerdonkse- of Kleine Aa uit te monden in de Aa. Voor aanleg van het Brabantse kanalenstelsel in de 19e eeuw had de Goorloop een eigen monding op de Aa ten zuiden van Aarle-Rixtel. Vanaf de Middeleeuwen was er echter via de Kleine Goorloop en de Broekloop al een noordelijke verbinding naar kasteel Croij. Mogelijk heeft de watervoorziening van het kasteel en de slechte afwatering op de Aa als gevolg van opstuwing door de watermolen van Aarle daarbij een rol gespeeld. Een belangrijk deel van het water wordt nu bij Lieshout met een gemaal op het Wilhelminakanaal geloosd. Het riviertje kan worden beschouwd als één van de belangrijkste zijrivieren van de hoofdrivier Aa.

Gebleken is dat de waternaam Mierle of Mierle Stroom geen historische attestaties heeft en is in de 18e eeuw nieuw is geïntroduceerd als een afleiding van de plaatsnaam Mierlo Mirle (1245), Mirla (1263), Mierle (1374), Mierloe (1523) in de betekenis ‘moerasbos’.

De riviernaam Mierle wordt voor het eerst aangetroffen op een kaart ‘Van Zeeland tot Kleef’ uit 1748. Op en andere kaart uit 1797 staat het riviertje afgebeeld als Meirle. Omdat de naam vooral stroomafwaarts in de omgeving van kasteel Croij (Aarle-Rixtel) werd gebruikt (en niet binnen Mierlo zelf) kan met Mierle Stroom mogelijk ook ‘het water afkomstig van Mierlo’ worden bedoeld. Het was in die periode vrij gebruikelijk kaarten te produceren voor groter publiek, waarbij vaak geweld werd aangedaan aan de historische juistheid. Zo werden ook de riviernamen Reusel, Vinkel, Beerze en Hilver nieuw geïntroduceerd, allen afgeleid van plaatsnamen. Wat overigens niet wil zeggen dat de plaatsnaam Mierlo niet oorspronkelijk van een waternaam kan zijn afgeleid. Zie hiervoor het artikel onder de waternaam mier.

Vervolgens werden de 18e eeuwse kaarten door anderen gekopieerd. Toch heeft de naam Mierle niet lang stand gehouden. Op lokale kaarten bleven in de 19e eeuw naast Goorloop ook namen als PeesgatloopLieshoutseloop en Kleine- of Boerdonkse Aa gewoon in gebruik. Modern wordt voor het grootste deel van de rivier de naam Goorloop gehanteerd.

Detail van ‘Carte particuliere de la Hollande, de la Zelande, et du Brabant…’ (1748) Bron: BHIC

Geraadpleegde bronnen

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *