Zeek

      Geen reacties op Zeek

De Zeek (ook als Schaijkse- of Berchemse Zeeg) is een natuurlijke waterloop die omstreeks de 14e eeuw is vergraven tot wetering en door de voormalige Diedensche Sluis uitmondde in de Oude Maas bij Megen. De Zeek liep parallel aan de Groene Dijk, voorheen een Zegedijk waaraan mogelijk ook de naam Zeek is ontleend. De Zegedijk is een dwarsdijk in de betekenis van zijwaarts afwenden.

Een andere verklaring wordt gegeven door Beekman (1905) en Schönfeld (1955) . Beekman beschrijft een situatie voor de bovenampten van het kwartier van Nijmegen, waarbij een zegen een hoofdwaterleiding is langs een dijk. Na de bedijking van de Maas en de Waal werden in de 13e en 14e eeuw de moerassen ontgonnen die in de achterliggende komgebieden voorkwamen. De oude wegen op de stroomruggen en de dijken langs de rivier vormden daarbij over het algemeen de ontginningsbases, waarlangs de boerderijen lagen. Het overtollige water werd in noordwestelijke richting afgevoerd via zogenaamde ‘zegen’, of ‘pijpen’ naar de rivier de Linge. Deze leigraven werden aangelegd in de laagste en natste delen van het landschap en vormden veelal de grens tussen het grondgebied van verschillende dorpspolders. Dwars op deze watergangen werden afwateringssloten gegraven. Voorbeelden zijn; Verloren Zeeg, Doornikse Zeeg, Verloren Zeeg en de Beneden Zeeg in de omgeving Lent en Bemmel (De Jong, 2015). Ook in de Brabantse situatie vormt de Zeeg de grens tussen enerzijds de dorpen in het Land van Ravenstein en anderzijds de dorpen Megen en Berchem. Aangenomen mag worden dat hier sprake is van een vergelijkbare ontginningsgeschiedenis omdat het gebied in binnen Gelderse jurisdictie lag.

Bij de naam Zeek en Zeeg behoren etymologisch de werkwoorden zeiken/zijgen, met een idg. basis *seik  in de betekenis van; uitgieten, filteren, langzaam vloeien, druppelen, wegzijgen.

Zie ook het artikel over de Koelebeek, op de kaart van Hendrik Verhees aangegeven als de (Berchemse) Seeg. Dit betreft dezelfde waterloop, afkomstig van de hogere zandgronden bij Herpen en Schaijk. De afwaterende functie is nu geheel overgenomen door de  Aalstvoortse Wetering en de Hertogswetering.

Geraadpleegde bronnen

  • M. Schönfeld: Nederlandse waternamen: Amsterdam (1955).
  • A.A. Beekman: Het Dijk- en Waterschapsrecht in Nederland, ‘s-Gravenhage 1905, deel III.
  • J.G. Leenders: Bijdrage tot de waterschapsgeschiedenis van ‘s-Hertogenbosch. In Brabants Heem (1979).
  • J. de Jong: Cultuurhistorische analyse Hof van Holland (2015).
  • A. Gremmen: een riviertje of beek dwars door Berghem. In ‘t-Vagevenster nr 17 (2001).

Kadastrale kaart, Sectie B, van de gemeente Deursen, met ingekleurd enige straten zoals de Brede Straat de Smalle Straat, de Laag straat, de Huisselingse Dam, Dennenburgse Dam, en wateren zoals de Wetering en de Zeek (1880). Bron BHIC.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *